Naar de inhoud
FlexcompasMaak kennisKennismaken

Welke soorten netcongestie zijn er, en wat helpt per soort?

Een vol net kan betekenen dat een kabel te warm wordt, dat de spanning te ver zakt of stijgt, dat er geen reserve is bij een storing, of dat er van bovenaf te weinig binnenkomt. Per soort helpt iets anders, van een zwaardere kabel tot een batterij die op het kritieke uur invoedt.

Vraag bij elk knelpunt eerst welke soort congestie het is; daarna pas welke maatregel.

Voor uw woningbouw: Een wijk met veel warmtepompen en laadpalen raakt vaak de wijktrafo of de ring; vraag per woningbouwlocatie welke soort congestie speelt voordat u een maatregel kiest.

Een vol net kan vier dingen betekenen. Per soort helpt iets anders.

  • Te warm
  • Spanning zakt
  • Geen reserve
  • Te weinig van bovenaf

Vol is niet altijd hetzelfde vol

"Het net is vol" klinkt als één probleem. Dat is het niet. Er zijn vier soorten, en een vijfde die vaak vergeten wordt. Per soort helpt iets anders. Wie de soort niet kent, kiest al snel de verkeerde maatregel.

De opbouw is per soort gelijk: wat er gebeurt, de oorzaak, en wat helpt.

Te warm (thermisch)

Een kabel, rail of transformator wordt te warm. Elk onderdeel heeft een maximale stroom. Gaat er langer meer doorheen, dan veroudert het onderdeel snel of valt het uit.

Oorzaak: meer vraag of meer opwek dan het onderdeel kan dragen, meestal op een paar piekuren per jaar.

Wat helpt: een zwaarder of extra onderdeel. Tot dat er is: minder vragen op de piek. Denk aan flex bij bedrijven, slim laden of een batterij die op het kritieke uur invoedt.

Spanningsprobleem

De spanning moet binnen een band van plus of min 10 procent blijven. Aan het eind van een lange kabel zakt hij bij veel afname. Bij veel zon stijgt hij juist.

Oorzaak: lange kabels, veel stroom, of veel zonnepanelen op één streng. Vaak landelijk gebied of de rand van een wijk.

Wat helpt: een extra kabel, een netstation dichterbij, de spanning regelen met een regelbare transformator, of opslag in de wijk.

Geen reserve bij storing (n-1)

Het net werkt normaal goed. Maar valt er een onderdeel uit, dan moet de rest het overnemen. In een middenspanningsring (de 10 kV-kabel die langs de netstations in de wijk loopt) mogen de twee helften daarom samen niet meer dragen dan de zwakste kabel aankan.

Oorzaak: de groei zit in de reserve die de netbeheerder vrijhoudt voor storingen.

Wat helpt: een extra onderdeel, zodat de reserve terugkomt. Tijdelijk kan de netbeheerder de reserve deels loslaten, met klanten die bij een storing mogen worden afgeschakeld. Dat gebeurt via een non-firm contract.

Te weinig van bovenaf

Het lokale net kan meer. Maar van het landelijke net komt niet meer binnen, omdat de 150 kV-ring of het koppelpunt met 380 kV (de plek waar het regionale net aan het landelijke net hangt) vol is.

Oorzaak: de vraag in de hele regio groeit sneller dan TenneT kan uitbreiden.

Wat helpt: uitbreiding door de landelijke netbeheerder, wat jaren duurt. Tot die tijd: batterijen of generatoren die op het kritieke uur in de regio invoeden, en congestiemanagement bij grote afnemers.

De vijfde soort: beveiliging

Soms is de grens geen warmte en geen spanning. Een kortsluiting moet snel en veilig worden afgeschakeld. Is het kortsluitvermogen (de stroom die bij een kortsluiting loopt) op een rail te hoog, of is een ring zo lang dat de beveiliging een fout niet meer goed ziet, dan is dat de grens. Ook een zekering die bij een fout moet afschakelen, kan beperkend zijn.

Oorzaak: veel opwek of zware aansluitingen op één rail, of ringen die in de loop der jaren lang zijn geworden.

Wat helpt: andere beveiliging, een rail splitsen of een ring inkorten. Hier helpt een batterij niet.

Per netvlak

Dezelfde soort ziet er per netvlak (laag van het net) anders uit. Deze tabel helpt bij het gesprek met de netbeheerder.

NetvlakWelk criterium teltMeest voorkomende soortWie lost het op
150/380 kVtransportvermogen per koppelpunt, n-1te weinig van bovenafTenneT
HS/MS-stationtransformatorvermogen, rail, n-1thermisch, reserveregionale netbeheerder
MS-ring (10 kV)stroom per helft, spanningsbandreserve, spanningregionale netbeheerder
MS/LS en straat (0,4 kV)wijktrafo, kabel, spanningsbandthermisch, spanningregionale netbeheerder

Wat dit betekent voor uw keuze

Stel dat het knelpunt in uw gemeente van bovenaf komt. Dan helpt een nieuwe wijktrafo niets. Zit het in de straat, dan lost een batterij bij het HS/MS-station het niet op. Het loont om eerst de soort en het netvlak te weten. De netbeheerder kan dat meestal per station vertellen.

Wat u nu al kunt

Met wat uw gemeente al heeft, zonder op iemand te wachten.

1

Vraag de netbeheerder bij elk knelpunt in uw gemeente welke soort congestie het is en op welk netvlak.

  1. 2

    Kijk of het knelpunt afname of invoeding betreft. Een batterij helpt bij beide, maar op andere uren.

  2. 3

    Vraag hoeveel uren per jaar het net boven de grens zit. Is dat tientallen uren, dan is flex vaak een realistische overbrugging.

Wat wij doen

Wij zetten per netvlak in uw gemeente op een rij welke soort congestie speelt en welke maatregelen daarbij passen, op openbare data en met bron. Dat begint met de gratis kaart van uw gemeente.

Wij leveren geen installaties en beoordelen geen offertes van leveranciers waar wij bij betrokken zijn. Dat staat in elke offerte.

Veelgestelde vragen

Staat uw vraag er niet bij? Stel hem in een gesprek van 30 minuten.

Helpt een batterij bij elke soort congestie?

Bij een thermisch knelpunt en bij te weinig van bovenaf vaak wel, als hij op het kritieke uur invoedt. Bij een beveiligingsprobleem helpt hij niet, en bij spanning alleen als hij op de juiste plek staat.

Wat betekent het als er geen reserve is bij een storing?

Dat het net normaal werkt, maar dat bij uitval van één onderdeel de rest het niet kan overnemen. De netbeheerder houdt daarom ruimte vrij, en die ruimte is niet beschikbaar voor nieuwe klanten.

Kan de gemeente zelf iets doen aan congestie van bovenaf?

Weinig aan het net zelf, want dat is aan TenneT. Wel kan de gemeente locaties en vergunningen voor regelbaar congestievermogen voorbereiden en vraag sturen, zoals laden buiten de piek.

Waarom is beveiliging een aparte soort?

Omdat het hier gaat om de vraag of een kortsluiting veilig kan worden afgeschakeld. Een te zware rail of een te lange ring kan daardoor een grens zijn, ook als de kabel nog ruimte heeft.

Verder lezen

Bronnen (3)
  • Phase to Phase (Van Oirsouw e.a.), Netten voor distributie van elektriciteit, hoofdstuk 4 en 9
  • Netcode elektriciteit, spanningskwaliteit en betrouwbaarheid
  • ACM, Codebesluit congestiemanagement, 2022