Waar loopt het stroomnet in uw gemeente?
Deze kaart toont het hoogspanningsnet van TenneT en de stations waar het regionale net van Enexis, Liander en Stedin begint, voor heel Nederland. Daarover kunt u zonnepanelen, banen, SDE-projecten, windturbines en Natura 2000 leggen.
Kern: Wie weet waar de stations staan, weet waar woningbouw en bedrijven het eerst op het net komen.
Stippellijn: ondergrondse kabel. Klik op een station, lijn of gemeente voor de gegevens uit de bron.
Wijs iets aan, of klik voor meer
Werkbeeld op openbare data, geen schakelschema. Alle lagen komen uit openbare bronnen.
Hoe u de kaart leest
De zwarte en paarse lijnen zijn het koppelnet van 380 en 220 kV. Daarover gaat stroom van de grote centrales en windparken op zee door het land. De blauwe lijnen zijn het net van 150 en 110 kV, het transportnet per regio. Donkerblauw is 150 kV, lichtblauw 110 kV. Groen is de regionale hoogspanning, meestal 50 kV. Een stippellijn ligt onder de grond.
De witte rondjes met een gekleurde rand zijn de 371 hoogspanningsstations van TenneT: 39 op 380 kV, 20 op 220 kV, 202 op 150 kV en 108 op 110 kV. Een plaats met twee spanningen telt twee keer, zoals de bron het doet. De gekleurde stippen zijn de 1124 stations van Enexis (120), Liander (717) en Stedin (287). Daar wordt de hoge spanning omgezet naar 10 of 20 kV, de spanning van het middenspanningsnet dat de wijk en het bedrijventerrein voedt.
Zoom in tot een stad en de dunne lijnen verschijnen: het middenspanningsnet van 10 en 20 kV van Enexis, Liander en Stedin. Die kabels lopen van het HS/MS-station naar de wijkstations en de bedrijven. Roze is Enexis, oranje Liander en groenblauw Stedin. Klik op een station, kabel of gemeente voor de gegevens.
De oranje open rondjes en stippellijnen zijn geplande netprojecten: nieuwe of uitgebreide stations en verbindingen uit het Investeringsplan 2026 van TenneT en de investeringskaart van Stedin, met het jaar waarin ze klaar moeten zijn. Bedrijventerreinen en RES-projecten zet u links aan.
Zoek uw gemeente of een adres in het zoekveld. U ziet dan het dichtstbijzijnde HS/MS-station. Klik op een gemeente voor de zonnepanelen, de banen en de SDE-projecten. Met de knoppen links kleurt u alle gemeenten tegelijk.
Wat opvalt
Het koppelnet is een ring met uitlopers. Het meeste vermogen komt aan de kust binnen, bij de Maasvlakte, Borssele, IJmuiden en de Eemshaven, terwijl het verbruik en de nieuwbouw in het midden en zuiden zitten. Dat is de kern van de congestie bovenaf.
Zet de zonnepanelen aan. Grote steden als Rotterdam en Amsterdam staan bovenaan, maar ook Borger-Odoorn, Dronten, Midden-Groningen en de Noordoostpolder, met veel zonneparken en weinig verbruik in de buurt. Daar loopt het net eerst vol bij invoeding. Zet daarna de banen aan. Die zitten in de Randstad, Eindhoven en Groningen, en daar knelt het vaker bij afname. Er zijn 4.651 windturbines in beeld, waarvan 1.063 op zee.
Leg Natura 2000 over het net. Een nieuwe hoogspanningsverbinding of een nieuw station moet om die gebieden heen of eronder door, en de stikstof bij de bouw telt mee. Dat verklaart een deel van de jaren die een nieuw station kost.
Hoe het past bij uw opgave
Een woonwijk of een bedrijventerrein hangt aan een HS/MS-station, via het middenspanningsnet. Het station en dat net bepalen samen hoeveel er bij kan. Op dat niveau kan een regio het verschil maken: met de volgorde van bouwen, met flex bij bedrijven en met een batterij op de goede plek.
Deze kaart is het begin. Voor uw gemeente leggen wij er de woningbouwplannen, de bedrijventerreinen en de wachtrij uit de openbare congestieonderzoeken overheen. Lees verder in netbewust bouwen of het net in gewone woorden.
Wat deze kaart niet is
Het is een werkbeeld op openbare data, geen schakelschema. De lijnen tonen waar de verbinding loopt, niet hoe de velden op het station zijn geschakeld. Van twee circuits aan dezelfde masten tekenen we er een. Er staat geen capaciteit per station op en geen wachtrij.
Enexis publiceert zelf geen liggingsdata van stations en kabels. Voor Enexis gebruiken we een openbare kopie van de landelijke assetlevering; wat sindsdien is aangelegd, ontbreekt. Liander en Stedin publiceren hun stations zelf. Liander rekent tot de hoogspanningsstations ook schakelstations; die staan er dus ook tussen.
Wat wij doen
Wij leveren geen installaties en beoordelen geen offertes van leveranciers waar wij bij betrokken zijn. Dat staat in elke offerte.
Veelgestelde vragen
Staat uw vraag er niet bij? Stel hem in een gesprek van 30 minuten.
Kan ik hieruit afleiden of er ruimte is voor mijn bouwplan?
Nee. De kaart laat zien hoe het net is opgebouwd, niet hoeveel ruimte er per station over is. Die ruimte hangt af van de transformatoren, de wachtrij en de afspraken van de netbeheerder. Kijk daarvoor op de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland en vraag het na bij uw netbeheerder.
Waarom heeft een HS/MS-station van Liander of Stedin geen naam?
De netbeheerders publiceren de ligging van hun stations, niet de naam. Staat er een TenneT-station naast, dan tonen we die naam, want daar koppelen beide netten. Bij de overige stations laten we de naam weg in plaats van te raden.
Welke spanning heeft een kabel van het regionale net?
Dat staat niet in de open data van Liander en Stedin. Hun hoogspanningskabels zijn meestal 50 kV, hun middenspanningskabels 10 of 20 kV. Welke ring aan welk station hangt en waar de ringen open staan, publiceren zij niet; dat tonen wij dus ook niet.
Kunnen jullie dit ook voor onze gemeente maken, met onze plannen erop?
Ja. In het eerste gesprek laten we de kaart van uw gemeente zien, met de woningbouwplannen en bedrijventerreinen die openbaar zijn. Daarna kunt u kiezen voor een netbewuste bouwstrategie of een netruimtekaart die de regio zelf bijhoudt.